Door spanning amper geslapen, worden we ’s ochtends bepakt en bezakt opgehaald door het team dat ons de komende zeven dagen zal ondersteunen, bestaande uit een gids (Festo), assistent gids (Dismas), kok, bediende en 5 dragers. Naast deze 9 uit de kluiten gewassen sterke mannen, wordt Yvonne direct gebombardeerd tot de held van het stel. Eindelijk is het zo ver. Na maanden van sporten en diëten, 5 dagen trainen in de Franse Alpen en enkele sportiviteiten op hoogte in Kenia, gaan wij een toppoging wagen: ’Lets Rock Kilimanjaro!’. Met haar 5895 meter boven zeeniveau, is dit de hoogste berg van het Afrikaanse continent en de hoogste vrijstaande berg van de wereld. Stiekem zijn wij nog behoorlijk vertwijfeld, maar onze gids wuift alles weg: ‘Hakuna Matatta, if you believe, miracles happen’. Juist ja, laten we daar dan maar direct mee beginnen! 

Dwars door de savanne, lokale gehuchtjes en plantages zetten we vaart richting de Kili; onderweg worden de laatste rantsoenen ingeslagen; waaronder biefstuk voor Jeroen: met veel geweld wordt een halve koe van een aan een hutje bevestigde vleeshaak gezwiept, over een boomstronk gezwengeld en met geweld in moten gehakt. Vanochtend vers geslacht, verklaart Festo, die in deze regio is opgegroeid en helemaal thuis is in de locale delicatessen. Elke man in deze regio moet minimaal over 1 koe, 1 schaap en 1 geit beschikken; om mee te tellen voegt hij er aan toe. Deze dient hij te slachten bij feestelijke aangelegenheden. 

Aangekomen bij de startplaats van onze trekking, begint het grote verdelen en wegen onder het team; elke drager mag maximaal 18-20 kilo dragen, de gidsen, kok en bediende helpen mee, maar zijn daartoe niet verplicht. Wij nemen ondertussen de andere hikers taxerend op; zo’n 50 andere gekken van over de hele wereld, vergezeld door even indrukwekkende Afrikaanse teams, zullen met ons strijden naar de top. Werkelijk alles kan mee naar boven indien gewenst; privé dixies, tafels en stoelen, gemeenschappelijke tenten om in te dineren, niks is te gek. Ook wij hebben gister bezoek gekregen met de vraag of wij hiervan wilden profiteren, wat nog eens 3 extra dragers werk zou verschaffen, echter wij houden het toch echt bij de hoogst noodzakelijke spullen. De uiteindelijke balans in ons team blijkt desondanks enkele kilo’s te veel; waardoor er toch nog afstand gedaan moet worden van enkele spullen. 

Samen met onze gidsen trekken we dwars door de jungle richting het Machame kamp, gelegen net boven de boomgrens op 3100 meter hoogte. Onderweg kijken we onze ogen uit naar de enorme stroom dragers die ons voorbij komen sprinten. Zij balanceren enorme manden, plastic emmers, backpacks en plastic rekken vol eieren op hun hoofden. Tegen de tijd dat wij arriveren op onze bestemming, staat onze tent al voor ons klaar, worden we voorzien van een teiltje verwarmd water om ons te wassen en staat het diner al op het vuur. We eten soep, toast, franse frieten, fish fingers en groente, met fruit toe. De eerste 1300 hoogtemeters zijn overbrugd, de kop is eraf en tot nu toe valt alles reuze mee! Ook kijken we inmiddels heel anders aan tegen de enorme geldsom, die we moesten neertellen voor deze trip; 2850 euro voor 7 dagen, met 9 man personeel, alle kampeer benodigdheden, eten, ondersteuning en bovenal een zeer grote dosis Afrikaanse gezelligheid, gastvrijheid en cultuur; dat is toch best goedkoop! 

Na een stevig ontbijt beginnen we vol goede moed aan de tweede etappe van deze tocht, op naar Shira Hut (3840 meter), gelegen onder aan de voet van het Kilimanjaro massief. Op zeer steil rotsig pad stijgen we langzaam boven de wolken uit; in de verte torent de piek van mt. Meru (4566 m) boven de wolken uit. Het landschap is werkelijk prachtig. Onze zeer deskundige gidsen brengen ons de regels van het lopen op hoogte bij, in het Swahili wel te verstaan: 

‘Sasa tunakwenda pole pole’ (nu, lopen we langzaam) en ‘Kunywa maji , rafiki wa kike/ rafiki wa kiume (drink je water, vriend/vriendin)’. Zeer voldaan bereiken we vroeg in de middag onze tweede bestemming. We genieten van het uitzicht, relaxen in de tent, zien de zon ondergaan in de wolken en mogen ’s nachts menigmaal de vrieskou trotseren onder de prachtige sterrenhemel. Gelukkig kunnen we in het donker de misselijkmakende Tanzaniaanse publieke toiletten omzeilen; een gat van 15 bij 10 cm achter een houten schutting. Tja..probeer daar maar is in te mikken, als je 5 liter water per dag moet drinken. 

De derde dag is een spannende dag. Vandaag staat een acclimatisatie-hike gepland, waarbij we ons kort zullen blootstellen aan grote hoogte, om vervolgens weer af te dalen naar een veilig hoogte om te slapen. Vandaag is ook de dag dat menig hiker te maken krijgt met hoogteziekte of zelfs de klim moet staken. Stapje voor stapje (pole pole, langzaam langzaam) trekken we naar de Lava Tower (een grote rots aan de voet van de top) gelegen op 4700 m; terwijl we snakkend naar adem zo actief mogelijk deel blijven nemen aan de Swahili lessen van Dismas, onze assistent gids. Vanaf hier is de top theoretisch gezien in 4 uur te bereiken. Met enige tegenzin, maar zeer tevreden lopen wij echter alle hoogtemeters van die dag weer naar beneden: wij voelen ons nog steeds kiplekker! 

We ontwaken in Barranco Camp met slecht nieuws. Onze kok heeft waarschijnlijk longontsteking opgelopen en moet onmiddellijk afdalen, Dismas zal hem vergezellen. Binnen het team worden de rollen opnieuw verdeeld, terwijl wij afscheid nemen van deze twee zeer vriendelijke Afrikanen. Iets verlaat zetten we vervolgens vaart richting de Barranco Wall, een zeer steile bergheling, waar de handen toch echt uit de zakken moeten. Ook vandaag is het nettoresultaat nagenoeg nul: na 4,5 uur lopen zijn we zo´n 600 meter gestegen en weer 550 afgedaald. Maar acclimatiseren doen we op deze wijze zeker! 

Op de vijfde dag maken we ons op voor de trekking naar het laatste kamp, Barafu Camp (4673 meter). Vanuit hier zullen we vannacht onze toppoging wagen en de laatste 1250 meter hoogteverschil overbruggen. Wat de laatste etappe ons ook zal brengen, dit hadden we voor geen goud willen missen. De natuur is waanzinnig mooi, het eten heerlijk en overvloedig, onze gids fantastisch en bovenal zijn we door ons team uitgebreid ingewijd in de Tanzaniaanse cultuur. 

In de middag maken wij een laatste acclimatisatiehike: de eerste 200 hoogtemeters van de finaletrek naar de top. We schrikken ons dood als we zien, wat ons tegemoet komt. Zwaar uigeputte mensen met knalrode gezichten, hikers stevig aan de arm geklemd van gidsen zelf niet meer instaat om hun lopen te coördineren, mensen met zuurstofslangetjes in de neus en een vrouw die op de rug van haar gids naar beneden gedragen wordt... Zij zijn vannacht om 0.00 uur begonnen aan de laatste klim en nu zo’n 13 uur onderweg. De angst slaat ons om het hart: ‘zo lopen wij er morgen toch niet bij?!’ 

Elk jaar sterven er zo’n 10 hikers en dragers op de berg, o.a. aan de gevolgen van hoogteziekte. Dit seizoen staat de teller op 4 zo weet onze gids. Daarnaast moeten er nog eens zo’n 100 hikers gered worden. Wat, gezien de Tanzaniaanse overheid geen helikopters beschikbaar stelt, neerkomt op een zeer hobbelige 8 uur durende rit op een brancard, 4500 meter naar beneden. Gelukkig is er ook enige hoop: we ontmoeten enkele hikers die gezamenlijk met ons zijn gestart maar de trek in 6 dagen hebben gelopen; zij hebben de top gehaald! 

Wij brengen de middaguren op advies van onze gids door in bed, maar doen natuurlijk geen oog dicht. Even voor middennacht komen we als Michelin-mannetjes uit onze tent: met 3 lagen onderkleding en 7 lagen bovenkleding trotseren we de ijzige vrieskou. Onder een waanzinnige sterrenhemel, beginnen we voetje voor voetje aan de 7 uur durende klim. Als alles goed gaat staan we morgen met zonsopgang op de Uhuru piek (hoogste punt van de Kilimanjaro). De maan komt net op. Samen met de andere hikers vormen we, met onze hoofdlampjes, een lange verlichte sliert over het pad naar de top. 

Onze gidsen zijn onvermoeibaar. Ze zingen liedjes, vertellen verhalen, maken grappen en leiden ons gestaag naar de top. Wie stil gaat staan bevriest in enkele minuten; we moeten blijven lopen, zo drukken ze ons op het hart; pole pole (langzaam langzaam) en onthoud:‘nothing lasts for ever’…. Zolang je maar de ene voet voor de andere blijft zetten, natuurlijk. Halverwege de nacht bereiken we de 5500 meter en hebben we al vele hikers ingehaald. We lopen perfect op schema voor de zonsopgang: zo gaat het goed. De lucht wordt langzaam ijler en het praten gaat steeds moeilijker. Met enige moeite gooien we onze strijdkreet eruit: TUNAPAMBANA (WE ARE FIGHTING FOR IT) en Hapana si ya uchova (nee, we zijn niet moe). 

De laatste hoogtemeters zijn zwaar en slopend. Na elke tien stappen, staan we happend naar adem stil. Dan uit het niets; staan we opeens op Stella Point, bovenop de kraterrand van de Kilimanjaro. Vanaf hier moeten we nog 200 meter/45 minuten stijgen naar Uhuru piek, onze finish. Nu weten we het zeker: Wij GAAN HET HALEN! Te moe om het natuurschoon om ons heen op te merken kruipen we voort. Vlak voor we de top bereiken, is daar opeens de zon die in prachtig rood en geel boven het wolkendek opreist. Met de eerste warme zonnestralen op ons lijf, voelt alles opeens een stuk menselijker aan. We leggen de laatste meters af naar het bord op de top: ´Congratulations, you are now at Uhuru Peak, 5895 meter, Africa’s highest mountain en the world´s highest free standing mountain.´ WOOHOE YES! 

Met hernieuwde energie, openen we onze ogen en bewonderen we de reusachtige krater en asput beneden ons. Her en der liggen enorme gletsjers en rechts piekt Mount Meru boven de wolken uit. Het is werkelijk waanzinnig. Min of meer huppelend vervolgen we onze weg naar beneden. Wat een fantastisch avontuur was dit! 

De eerste foto’s zijn hier te vinden: 
http://www.flickr.com/photos/jeroenberkenbosch/sets/72157635447359479/show